Home » Voerendaal

Wegraces in Voerendaal

Op het 4,2 kilometer lange stratencircuit "Bergseweg" werden door de Stichting Limburgse Motorsport (SLM) van 1968 tot en met 1975  in totaal 8 wegraces georganiseerd waarvan de laatste 3 onder auspicïen van de Nederlandse Motorsport Bond.


Theo Louwes (op de foto's) klokte met zijn Kawasaki H1R in 1971 de snelste rondetijd: 1.53,6 = 133.1 km/h. Hij stopte in 1974 met racen maar maakte in 1983 nog even een rentree met een Suzuki RG3 500.


Hier een verslag van de (KNMV) wedstrijd in 1972: 

Bar en boos was het weer tijdens de training in Voerendaal. Het hemelwater hoosde met bakken uit de lucht; het beperkte het zicht tot een voor racen onverantwoordelijk korte afstand, en daarbij stond er een stormwind dwars over de snelle baan die rijden nog wel maar racen niet meer mogelijk maakte. Het normale trainingsprogramma kon daarom niet afgewerkt worden, en dat deed de races bijna totaal mislukken. Te weinig training, dan geen vonden de rijders terecht en met de schrik van de ongevallen in Tubbergen nog duidelijk in herinnering. Rijden wilden ze wel, maar ook dat gaf nog even problemen Omdat er dan geen start- en prijzengelden uitgekeerd zouden worden, maar dit werd snel opgelost, en toen het weer tegen de tijd dat de races zouden beginnen bovendien nog wat opklaarde (het was droog en bleef de hele middag droog) vond men het algemeen toch zonde om de kampioenstatus te laten vallen, en dus verliep uiteindelijk alles toch nog zoals dat gepland was. Oorspronkelijk was het de bedoeling geweest om 's morgens vroeg alle klassen nog eens te laten trainen, wat niet zo gemakkelijk is als het lijkt omdat alle betrokken personen daarvoor uren eerder ingeschakeld moeten worden; de medische dienst, de politie, de brandweer en de baancommissarissen en dat was helemaal rond totdat bleek dat de afspraak met de politie niet sluitend was geweest. En dus konden alle rijders die al op de baan klaarstonden het rennerskwartier weer opzoeken. Pas om half een 's middags konden er nog enkele extra trainingen ingelast worden waardoor het hele raceprogramma naar een later tijdstip verschoof. Verder ontstond er nog vertraging doordat bij alle machines de banden van de modder uit het rennerskwartier bevrijd moesten worden, wat veel te lang duurde; de volgende keer moet de organisatie, de Stichting Limburgse Motorsport, hier echt iets aan doen. Door al die vertragingen ging de laatste race pas na zes uur van start, gelukkig toch nog bijgewoond door het grootste deel van het ondanks het zeker niet fraaie weer behoorlijk opgekomen publiek.

Om kwart over twee startte als eerste race de klasse 125 cc internationaal, waarin Cees van Dongen meer dan ooit heer en meester is. Zijn buitengewoon goede starttechniek, gevolgd door een vlammende eerste ronde, verschafte hem meteen een forse voorsprong op tweede man Aart Valstar en die voorsprong werd elke ronde nog wat groter. De race verliep verder niet bar interessant. Bert Nijland en Jan Zoombelt zaten met duidelijk onderling verschil op de derde en de vierde plaats. Alleen halverwege de race werd Jan Zoombelt even van zijn plaats verdrongen door Rob Bron, maar die viel in de volgende ronde al uit zodat de situatie weer gelijk was. Meer dan de helft van de deelnemers volbracht de race niet; uiteindelijk werden er slechts zeven geklasseerd. Vervolgens kwam de klasse 350 cc nationaal aan de start en hierin maakte Karel Zegers zijn reeds eerder gedane voorspelling, dat hij nogwel eens hoog zou eindigen" waar. Een vlotte start bracht hem meteen aan de leiding en die zou hij niet meer afstaan. Tegen het einde van de race wist tweede man Henk Lodder zijn achterstand duidelijk te verkleinen (hij draaide ook de snelste ronde in 2.03,2) maar op de streep restten nog bijna vier seconden. Het grootste deel van de race vochten B. Smetsers en W. Melis een duel om de derde plaats uit. Melis leek de snelste, en werd op het kritieke ogenblik nog geholpen door pech van Smetsers die daarna in de achterhoede belandde. Op ruime achterstand werd K. de Graaf als vierde afgevlagd, terwijl de achterstand van vijfde man T. Monden nog groter was.

De derde race, die van de klasse 350 cc internationaal, bracht weer een start-finish zege (wat gelukkig niet de hele middag zou blijven duren), nu van Marcel Ankoné die vanaf de eerste ronde eenzaam aan de leiding reed. De tweede plaats was vrijwel steeds in handen van de Braziliaan Santos, maar voordat hij deze veilig kon stellen gebeurde er wel wat. Aanvankelijk zat Piet v. d. Wal hem stevig achter de vodden, en toen die uitviel was Nico v. d. Zanden al zo dicht genaderd dat deze hem ging bedreigen. Met succes, want halverwege de race pakte v. d. Zanden de tweede plaats, echter niet definitief. Een geweldig duel ontspon zich waarbij steeds van plaats werd verwisseld. In de allerlaatste ronde kwam hier een eind aan, doordat er ook een eind kwam aan de schakelmogelijkheden in de versnellingsbak van de machine van Nico v. d. Zanden. Jan v. Disseldorp werd derde en Wietze Veenstra kwam na een zeer slechte start en een lange inhaalrace nog tot de vierde plaats. Alle andere deelnemers werden door winnaar Marcel Ankoné gelapt.

In de klasse 500 cc nationaal lag F. Coopman twee ronden op kop, maar een excursie naar de strobalen wierp hem enkele plaatsen terug. Vanaf dat moment kwam Fred Sinke aan de leiding, met een lichte voorsprong op F. Chrispijn, B. Struyk en de terugvechtende Coopman. Daarachter zat een massief peloton waarvan de rijders vele ronden nodig hadden om uit te maken wie nou wel de sterkste was. Dat bleek uiteindelijk P. Visser, die in een geweldige eindsprint (en na het draaien van de snelste ronde) in de laatste ronde nog opklom tot de derde plaats, daarbij Chrispijn en Struyk verdringend. Coopman had dit tweetal al eerder teruggepakt en werd ondanks zijn excursie tweede.
De klasse 250 cc internationaal bracht het boeiendste gevecht om de overwinning. In de eerste ronde wist Wil Hartog enkele tientallen meters voorsprong te pakken op Marcel Ankoné die in de daarop volgende tien ronden heel langzaam, maar ook heel zeker dichterbij wist te komen. Met nog een halve ronde te rijden bedroeg zijn achterstand nog steeds een tiental meters; er zou al wat moeten gebeuren om de net jarig zijnde Wil Hartog te verdringen. En er gebeurde iets; in de laatste meters moesten enkele rijders gedubbeld worden, en toen Herman Looman aan de beurt was koos Wil Hartog de verkeerde kant en kon Marcel Ankoné er langs glippen en zo zijn tweede overwinning binnen halen.

De Braziliaan Santos zat er weer goed bij en reed van de eerste tot de laatste ronde op de derde plaats. Daarachter werd verwoed gevochten door meerdere rijders, waarvan Leo Bovee door een defecte koppeling in de beste positie moest opgeven, en Waarvan Jan Warners, die een zeer Slechte start had gehad, uiteindelijk duidelijk sneller bleek dan Kees Schermer en Willem Dolfing.

De klasse 50 cc internationaal verliep verrassend. Wereldkampioen Jan de Vries had een verschrikkelijk slechte start, stormde weliswaar onhoudbaar door het veld, draaide ook de snelste ronde, maar keek op de derde plaats aangeland inmiddels tegen zo'n grote achterstand op dat hij niet verder kwam. Theo Timmer en Teunis Ramaker profiteerden er dankbaar van. Vooral de Jamathi-rijder pakte zoveel voorsprong dat Jan de Vries nog zeer vele ronden meer nodig gehad zou hebben om bij te komen. Hij won met 12 seconden voorsprong op Teunis Ramaker die op zijn beurt nog 16 seconden winst had op Jan de Vries. Jan Bruins werd vierde en Jan Huberts bezette de volgende plaats na een aantal rijders gepasseerd te hebben. Paul Lodewijkx was met de nieuwe monocoque Jamathi van start gegaan, maar deze machine bleek nog niet af zodat Paul met carburatiemoeilijkheden al in de eerste ronde de pijp aan Maarten gaf. De laatste race had weer verschrikkelijk spannend geweest kunnen zijn als Wil Hartog niet zo'n fantastische start had gehad. Nu pakte hij meteen een tiental seconden voorsprong die niet meer goed te maken waren door de weer voortreffelijk draaiende Piet v. d. Wal die niet zo best gestart was, toch al op de vierde plaats zat na de eerste ronde, en in de volgende ronde al op de tweede plaats, waarbij hij snel en goed afrekende met Rob Bron. Slechts zes rijders eindigden in dezelfde ronde als Wil Hartog. Gerrit Veldink, Jan Veldman en Kees Bouwmeester presteerden dit.
Na afloop werd er door een aantal rijders geprotesteerd tegen de cilinderinhoud van de machine van winnaar Wil Hartog (die niet op de Riemanoc reed), maar die bleek echt boven de 350 cc te liggen zodat Wil Hartog als extra verjaarsgeschenk de 50 gulden protestgeld kon opstrijken.

Foto's uit de 3 NMB jaren:

(voor een vergroting klikt u op de foto)

De NMB wegraces in Voerendaal werden verreden op 16 september 1973, 12 mei 1974 en 14 september 1975.
In 1973 werden de races niet meegeteld voor het kampioenschap.